MZSW-congres 2026: eigen regie vraagt om ruimte én initiatief

Hoe zorg je dat werknemers meer invloed krijgen op hun werk en ontwikkeling? En hoe voorkom je dat je als ondernemingsraad pas mag meepraten als belangrijke besluiten al vaststaan? Tijdens het 16e landelijke MZSW-congres ‘Eigen regie – Zelf aan het stuur’ gingen op 29 oktober in Utrecht 175 OR-leden en bestuurders van sociaal ontwikkelbedrijven hierover in gesprek. De rode draad: eigen regie vraagt om ruimte voor werknemers én een ondernemingsraad die initiatief neemt, kritische vragen stelt en samen met de bestuurder zoekt naar wat werkt.
Niet op de achterbank blijven zitten
“Eigen regie betekent invloed hebben op je eigen leven, werk en toekomst.” Met die boodschap opende Jan Braem (Den Haag Werkt) het congres. Voor werknemers betekent dit dat zij kunnen laten zien wat ze wél kunnen, zich kunnen ontwikkelen en kunnen meepraten over hun toekomst. Maar ook de OR moet zelf het stuur pakken: niet afwachten wat de bestuurder op de agenda zet, maar zelf onderwerpen aandragen. Braem vergeleek de OR met de navigatie van een organisatie: helpen om op koers te blijven en collega’s sterker te maken.
Petra Oldenhage (SBCM) benadrukte dat eigen regie niet betekent dat werknemers alles zelf moeten uitzoeken. Het vraagt juist om passende ondersteuning en ruimte om keuzes te maken. Aan de hand van het eigenregiemodel lichtte ze vijf elementen toe: weten, willen, kunnen, durven en mogen. Weet een werknemer welke mogelijkheden er zijn? Wat wil iemand zelf? Welke ondersteuning is nodig? En krijgt iemand de ruimte om stappen te zetten?
Hoe belangrijk écht luisteren daarbij is, bleek uit een nagespeeld ontwikkelgesprek (IOP). Een werknemer overwoog een baan op een andere afdeling, maar zag op tegen de busreis. In het eerste gesprek droeg de leidinggevende vooral oplossingen aan. In het tweede gesprek werd meer doorgevraagd en kreeg de werknemer ruimte om zelf mee te denken. “Ik had meer het gevoel dat ik er mocht zijn”, vertelde de actrice na afloop. Een herkenbare les: goedbedoelde hulp kan eigen regie soms juist in de weg staan.
Provalu: de OR als verbindende schakel
Ook Rinco Knoop (directeur) en Helen Kortekaas (OR-voorzitter) van Provalu benadrukten het belang van goede ontwikkelgesprekken. Bij Provalu is het IOP-gesprek doorontwikkeld tot een FIT-gesprek: Functioneren in de Toekomst. De OR dacht mee over de inrichting ervan. Daarnaast werkt Provalu met een kern-OR die werknemers actief bij onderwerpen betrekt. Volgens Knoop vertellen werknemers soms gemakkelijker aan OR-leden wat hen bezighoudt dan aan hun leidinggevende. Als ogen en oren van de organisatie vervult de OR daarmee een belangrijke verbindende rol.
Rob Kolner (FNV/SBCM) onderstreepte dat eigen regie ook ondersteuning vraagt. “Eigen regie is prachtig, maar soms moeten we mensen helpen die eigen regie ook een beetje te nemen.” Ontwikkelgesprekken moeten volgens hem dan ook meer opleveren dan een vinkje op een lijst.
Workshops: van meedenken naar invloed uitoefenen
In acht workshops verdiepten deelnemers zich in de mogelijkheden om eigen regie te versterken. Ze wisselden ervaringen uit en oefenden met vaardigheden die daarbij helpen.
Informeren en verdiepen
- Duurzame inzetbaarheid en eigen regie: Hoe zorg je dat werknemers niet alleen worden gehoord, maar ook daadwerkelijk invloed hebben? Viola Ruis, Annelies de Boer en Dzenita Alibegic lieten zien hoe Voorne-Putten Werkt met verbinders, meedenkers en stamtafels ideeën ophaalt. Een concreet resultaat is een fitnessruimte die op initiatief van werknemers tot stand kwam. Hun belangrijkste boodschap: luisteren is pas het begin. Laat ook zien wat er met ideeën gebeurt.
- Eigen regie in tijden van verandering: Wanneer moet de OR betrokken worden bij organisatieveranderingen? Volgens Els Huisman (De Voort Advocaten) begint invloed ruim vóór een adviesaanvraag. Aan de hand van artikel 24 van de WOR en praktijkvoorbeelden liet ze zien hoe belangrijk het is om tijdig informatie op te vragen en het gesprek aan te gaan. Want als de koers al vastligt, valt er weinig meer bij te sturen.
- Toekomstscenario’s en de rol van de OR: Hoe praat je mee over de toekomst zonder op de stoel van de bestuurder te gaan zitten? Jessica ter Hofte en Edwin Heinink (SWB), Richard Eising (CNV) en Mariëlle Sluiter (Cedris) bespraken dit aan de hand van de nieuwe strategische koers van SWB voor 2027–2031. Daarbij denkt een OR-lid vanaf het begin mee. Ook het initiatiefrecht kwam aan bod: waarom wachten op plannen van de bestuurder als je zelf verbeteringen kunt voorstellen?
- Functiewaardering en passend werk: Een functie kan correct gewaardeerd zijn, maar betekent dat ook dat het werk bij iemand past? Peter Wiechmann (FNV) ging in op functiewaardering binnen de cao’s SW en Aan de slag. Daarbij kwamen vragen aan bod over eerlijke en transparante functiebeschrijvingen, ontwikkelmogelijkheden en doorstroom. Ook hier heeft de OR een belangrijke rol.
Oefenen en vaardiger worden
- Samenwerken binnen de OR: Wie heeft weleens een OR-stuk gelezen en gedacht: wat staat hier eigenlijk? Of meegemaakt dat een vergadering te snel ging om vragen te stellen? Deze herkenbare situaties stonden centraal in de workshop van Jolanda Kirpensteijn (Komeet). Deelnemers oefenden met verschillende manieren van communiceren en luisteren. Hoe zorg je dat iedereen het gesprek kan volgen, durft mee te praten en zich gehoord voelt?
- In gesprek met bestuurders: Wat betekent zelf aan het stuur zitten voor werknemers, OR en directie? In gesprekken met OR-voorzitters en directeuren van onder meer UW Bedrijven en Provalu verkenden deelnemers hoe werknemers meer invloed kunnen krijgen op hun werk en ontwikkeling. Daarbij ging het ook over werkoverleggen, goede communicatie en de samenwerking tussen OR en bestuurder.
- Sociale veiligheid op de agenda: Sociale veiligheid vraagt meer dan goede afspraken op papier. Petra Oldenhage (SBCM) liet deelnemers aan de hand van praktijksituaties onderzoeken hoe je gewenst gedrag bespreekbaar maakt. Wat doe je als werknemers zich niet veilig voelen om hun grenzen aan te geven? En hoe zorg je dat sociale veiligheid structureel aandacht krijgt? De OR kan daarvoor onder meer de arbojaarcyclus benutten.
- AI en eigen regie: Guido Verboom (Cedris) en Tineke Visser bespraken wat AI kan betekenen voor werknemers: van ondersteuning bij lezen en schrijven tot meer zelfstandigheid. Maar AI brengt ook risico’s met zich mee. Hoe voorkom je dat werknemers achterblijven? En hoe zorg je dat zij antwoorden van AI kritisch blijven beoordelen? Vragen waarover de OR nu al het gesprek kan aangaan.
Positieve tegenkracht voor betere besluiten
Tijdens de afsluitende reflectie kwam de rode draad van de dag terug: een sterke OR durft kritisch te zijn en positieve tegenkracht te bieden, en zoekt daarbij de samenwerking met de bestuurder. Dat vraagt van beide kanten om openheid en vertrouwen. “Je moet als bestuurder niet bang zijn om een stuk regie uit handen te geven”, benadrukte Rinco Knoop, directeur Provalu. Zo ontstaat ruimte om samen te zoeken naar wat werkt, met oog voor de belangen van werknemers én de toekomst van de organisatie.
Richting, ruimte en ruggensteun
Wat vraagt eigen regie uiteindelijk? Richting, ruimte en ruggensteun: weten waar je naartoe wilt, de ruimte krijgen om keuzes te maken en ondersteuning krijgen om stappen te durven zetten. Samen met de vijf elementen van eigen regie – weten, willen, kunnen, durven en mogen – bieden deze uitgangspunten praktisch houvast voor werknemers én ondernemingsraden om zelf het stuur te pakken.
Meer informatie en presentaties
Wil je de inzichten van het congres nog eens teruglezen of delen met je OR? Bekijk de presentaties van de acht workshops en de sfeerimpressie van het congres
Sfeerimpressie